buddhakey

Het is me wat. Mag je op het huis passen van een vakantie vierende vriendin en dan raak je haar huissleutel kwijt. Dat daarbij ook jouw huissleutels in het niets lijken te zijn opgelost is op dat moment uiteraard slechts bijzaak. Haar sleutels daarentegen…Nondedju! Mijn hart krimpt nu nóg ineen van schaamte. Spijtig is het. Zeer, zéér spijtig. Maar goed. Mezelf erover opwinden haalt niets uit. Ze blijven zoek. Inmiddels heb ik ze laten bijmaken (er was gelukkig een buurvrouw thuis die ook een kopie bezat) en ben er redelijk overheen. Destijds echter, midden in mijn wanhoop, heb ik stad en land afgezocht om die dingen te vinden. Ben zelfs naar de politie gegaan. Er blijkt dus serieus een politie bureau te zijn, midden in hartje stad, waar men gevonden sleutels heen brengt (mits ze gevonden worden en de vinder zo eerlijk is, althans). Who knew? Ik niet, in elk geval. Briljant, vind ik het. Niet dat ik zo zeer heb genoten van de ervaring (vergeet niet, ik zat nog midden in mijn wanhoop) als wel dat ik mij er door geïnspireerd voelde raken. Nu kan ik dat zowieso al vrij snel hebben in het leven, dat ik ergens geïnspireerd door geraak. Een kleinigheid overkomt me, en dan moet ik het beschrijven, verwoorden en daarmee dus ook verteren. Want dáár gaat het uiteindelijk om in het leven: de vertering. Bij deze dus. Laten wij eens samen dit voorval verteren. Gezelliger kan haast niet.

Het begon ermee dat ik mij moest begeven in een deel van de stad waar ik anders nooit kom. Dat schijnt goed te zijn voor de mens. Het voorkomt, onder andere, Alzhemeimer. Zeggen ze. Ik heb mij dus vooral niet lopen te ergeren toen ik, geheel geslachtstrouw, mijn eigen GoogleMaps niet kon volgen. Wel nee. Ik zag dit als een kans om mijn stad eens vanuit andere ogen te bekijken. Anders hoeft niet per se goed (noch fout) te zijn, weet ik nu dankzij de yoga. Goed en fout, dat zijn slechts waardeoordelen waar je niets aan hebt in het leven. Het was dus vooral heel erg anders. De onnoemelijk hoeveelheid toeristen, aan de drank of wiet om elf uur ‘s ochtends was anders. De uitbaters die mij op diezelfde tijdstip in de ochtend aan de biefstuk wilden helpen, door ‘psst, hey dame’ tegen me te fluisteren als ware boden zij mij een homp heroine aan, waren anders. De illustere bars waar ik niet in dood gevonden zou willen worden, waren allemaal anders. En toch, ondanks mijn yoga training, kon ik mij er niet toe zetten dit anders zijn neutraal te bezien. Helaas. Zo verheven ben ik nog niet en zal ik vermoedelijk ook nooit worden. Misschien is dat maar goed ook. Het leven zou saai zijn. Mijn hart klopte dus vervaarlijk in mijn borstkas en mijn hersenen zochten naarstig naar een veilige uitweg toen ik het uiteindelijk, na vijf keer zwetend en stressend al te zijn gepasseerd, vond.

En wat mij meteen bij binnenkomst opviel was de enorme hoeveelheid aan sleutels. Uiteraard had ik enige sleutels wel verwacht… Zo onnozel ben ik nu ook weer niet. Misschien –  wie weet – als ik héél veel geluk had, lagen zelfs de mijne daar. Maar dat er zovéél zouden zijn? Het heeft mij eerlijk gezegd  doen schrikken. Kennelijk verkeerde ik in de veronderstelling dat ik de enige ben die zoiets overkomt. Nou, dat had ik dus mooi mis. Op zich was dit een troost. Dat kan ik niet ontkennen. En toch….dames en heren. Ze hadden iets onnoemelijk triest, zoals ze daar met z’n allen hingen te hangen, als ter dood veroordeelden wachtend op de ultieme verlossing. Feitelijk waren het allemaal weessleutels. Keurig gesorteerd op vind datum. De een straalde nog hoop uit, de ander had het zichtbaar opgegeven en was allang blij dat hij of zij niet bij het oudijzer lag weg te rotten. Mijn moederhart ging naar ze uit. Het liefst had ik ze allemaal meegenomen. Maar hoe je het ook wendt of keert; als de sleutel niet past in het slotje, dan past het niet in het slotje. Een waarheid als een koe waar niet aan te tornen valt, helaas.

Samen met een aantal andere wanhopigen bekeken wij de waren. Aan sommigen van hen was duidelijk te zien dat zij hier meerdere keren per dag kwamen. In de hoop dan NU toch eindelijk hun sleuteltje te treffen. Hoofdschuddend bekeken zij maar weer eens the usual suspects. Af en toe pakten zij er eentje beet om het van alle kanten te bekijken. Misschien dat het, bij nader inzien en met een beetje fantasie, tóch de juiste zou blijken te zijn? Een momentje van hoop gloorde op hun gelaat…maar nee. Weer geen geluk. Het liefst zouden zij hier een matje uitrollen en wachten. Dag in, dag uit. Als waren zij in afwachting van een bezoek van de Dalai Lama himself. Die hun vervolgens de Waarheid zou vertonen in de vorm van hun sleutel, waarna zij met een gelukzalig glimlach op hun smoel in vrede heen konden gaan in de tevreden wetendheid dat hun sleutel in terecht was. Het zou zo mooi als…Maar op een gegeven moment, dient men dan toch zijn eigen nederlaag te accepteren en los te laten. Zoveel is mij duidelijk geworden deze zomer. Want ook dat is een oplossing, uiteindelijk. Een verandering van mentaliteit is namelijk de ultieme oplossing…

Ik vermoed dat het zal zijn zoals het altijd is met zulke dingen; op het moment dat ik dit hele voorval ben vergeten, zullen ze vanzelf op de proppen komen. Het is een Wetmatigheid der Natuur, dat dit gebeurt. Ook dit dient men te accepteren in het leven. Ergens zullen ze blijken te zijn geweest, de hele tijd. Stiekem gniffelend om mijn zoektocht. Ze zullen zich glimmend aan mij vertonen, met een zweem van minachting voor mijn wanhoop. En ik zal berouw tonen dat ik ze heb laten gaan, de arme schapen. En wij zullen nader tot elkaar komen en alles zal wederom goed zijn. Maar zover zijn we nog lang niet. Eerst nog deze verhuizing doorkomen. Deze week krijgt mijn ex de sleutels van zijn nieuwe huis. Ik gun hem een goed onderkomen. Ik gun hem een goed leven. En ik gun hem tien kopieën van zijn eigen sleutels.