Schoon

900px-Clean-a-Fireplace-Step-1Afbeelding via wikihow.

Schoon. Ik vind het een lastig woord. Want, wanneer is iets schoon? Sommigen zeggen dat je je haar met shampoo moet wassen, dat je dan pas schoon bent. Of ben je pas schoon als je drie keer achter mekaar in bad gaat, zoals mijn wijlen grootmoeder dat dagelijks deed? Het eerste bad diende om het vuil van de dag eraf te wassen. Logisch, daarvoor wast men zich doorgaans. Vervolgens nam ze echter een tweede bad, puur om te genieten. Dat kon toen namelijk nog, in het Zuid-Afrika van de vorige eeuw. En daarna diende ze natuurlijk de zeepresten van zich af te wassen. Daar nam ze dan een derde bad voor. Dit kan je schoon noemen. Het heeft echter ook een andere naam, OCD.

Dat ik dus zelf issues heb met het begrip ‘schoon’ is misschien nog niet eens zo gek, gezien mijn erfelijke aanleg. De definitie van schoon is hoogst subjectief. Zo bestaat er een medisch begrip van schoon. Inmiddels ben ik namelijk alweer een aantal jaren ‘schoon’ van kanker. Maar is kanker daarmee dan ook vies? Dat is wat ik me afvraag. Ik kom er maar niet uit. En dan nog iets. Als ik al een aantal jaren ‘schoon’ ben, maar toch nog steeds officiëel kanker heb, waar zit die kanker dan precies? Tussen mijn oren? Kennelijk wel, want op de MRI is hij niet meer te vinden. Zoveel vragen en nergens een antwoord, ik word er soms moe van. Een mens wil duidelijkheid.

Over vier jaar mogen ze me genezen verklaren. Hiermee maar weer eens bewijs dat alles chronisch wordt, als je maar lang genoeg wacht. Dit brengt echter nogal wat implicaties met zich mee. Als ik had gedacht dat ik zo oud zou worden als ik nu ben, dan had ik, om maar iets te noemen, de afgelopen jaren mijn gezicht wel ingesmeerd met één of ander UV-filter. Is het te laat om daar alsnog mee te beginnen? Heeft dat nog zin? Dat schiet dan door mijn hoofd. Mijn arts keek me nogal bevreemd aan toen ze me het goede nieuws vertelde en ik alleen maar moest huilen. Voelde ik opluchting? Of was het spijt? Ik weet het niet. Misschien wel allebei tegelijk.

Een ding weet ik inmiddels zeker. Kokosolie als gezichtscrème is niet ideaal. Althans, niet als je het in de badkamer bewaart en net zo heet doucht als ik. We hebben het nu wel over sauna proporties. Lang en heet. Mijn waterverbruik is soms best schandalig, wil ik hier eerlijkheidshalve toegeven. Ik lijk mijn grootmoeder wel. Maar wat doet een eetbaar produkt als hij te lang en te heet wordt bewaard? Juist. Hij wordt ranzig. En dat is niet prettig op je gezicht. Don’t get me wrong, ik ben niet vies van een beetje ranzigheid. Liefst op een toast, met een Guinness erbij. Blaauwe kaas heet dat dan. Ik watertand er nu al van, maar het is niet de bedoeling dat mijn ogen er ook van gaan tranen en dat deden ze helaas wel. Het stonk zo erg dat ik nu vergoed van mijn blauwe kaas fetish af ben. Spijtig, zeer spijtig.

Over definities gesproken; ‘goed nieuws’ in artsentaal is dat ze eerlijk toegeven niet meer te weten wat er met je gaat gebeuren. Je treedt buiten de statistische kaders en bent dus een vrij mens, net als ieder ander. Maar daarmee dien je wél uit je zelf gemaakte kartonnen doodskist te stappen waar je al die jaren in hebt geleefd, de wijde wereld eindelijk weer eens tegemoet. Ook jij moet buiten je eigen kaders gaan denken. Ik geloof dat ik het goede nieuws nog moet verwerken. Overleven vs doodgaan, verkijk je er niet op. Het is een behoorlijke mindfuck, kan ik u vertellen. Ik zeg het nog één keer: een mens wil duidelijkheid.

Laatst had ik zo’n enorme pijn in mijn buik, dat ik naar de huisarts ging. Die stuurde mij snel naar het ziekenhuis, en vervolgens mocht ik daar uren wachten op onderzoek. Zo gaat dat, ik ben eraan gewend en had daarom drie tijdschriften, een leesboek plus mijn notitieboek meegenomen. Ik heb mij niet verveeld, hoogstens geïrriteerd. Altijd maar Zen moeten blijven. Soms ben ik gewoon ronduit ongeduldig. Anyway, toen ik dan eindelijk met de benen wijd moest, het onderzoek was gynacealogisch, viel er een korte stilte. De dokter concentreerde zich. Vervolgens ze zei ze; “Mevrouw, volgens mij heeft u last van een drol.” Ik keek haar verbouwereerd aan. Ik, last van een drol? In welke opzicht dan? Mijn drollen zijn doorgaans heel welwillend. Daar kon de pijn toch niet vandaan komen. Schaamte en verwarring schoten door me heen. Maar ik voelde me bovenal vies. Alsof zij nooit een drol heeft! Toen bleek dat ik een ernstige infectie had, was ik opgelucht en voelde ik me weer enigzins schoon. Het was in elk geval duidelijk waar de pijn aan lag. Aan ‘volgens mij’ heb je immers niks.

Twee wijze lessen die ik dus de afgelopen maanden geleerd heb en graag met jullie deel, zijn de volgende; doe niet zo moeilijk en smeer je gezicht gewoon met een of ander UV-filtertje. Dan heb je achteraf hopelijk geen spijt van je Carpe Diem houding als blijkt dat het leven kennelijk toch doorgaat. En neem altijd eerst een enema voordat je naar het ziekenhuis moet voor een infectie. Scheelt een hoop schaamte en verwarring.

2 Comments

  1. Mooi stuk Nina. Openhartig, leest als een trein.

    • Nina Cookson

      26 augustus 2015 at 13:05

      Dank je, lieverd. Doet me goed om dat te horen. Mijn streven is ook zo eerlijk mogelijk. Dan deel je pas echt!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet getoond.

*

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

© 2018 Nina Cookson

Theme by Anders NorénTop ↑