BD Injection System

Nu was het menens. Ik hield niets meer binnen.

Ik belde mijn moeder. Het gesprek ging als volgt.

Moeder, blij verrast dat haar dochter belt; “Hey! I was just thinking about you.”

Dochter, nauwelijks in staat om te praten; “Ma…” Stoned en sloom komt het eruit.

Korte stilte.

Moeder vervolgt, nu op zakelijke toon; “Are you alone?”

Dochter, met enige moeite; “Noooo….”

“Are you bleeding?”

Wederom een ontkennend geluid.

“Have you been throwing up?”

“Uhm-hmm…”

Moeder stelt vast dat ze moet komen en sommeert een taxi. Gebiedt dochter zich niet te verroeren.

Dochter vindt dit grappig, maar kan dat niet uiten, en hangt op.

Vijftig minuten later is er er. Amsterdam is een groot stad en IJburg slechts een uithoek daarvan.

Ik krijg liefdevol een noodinjectie toegediend, die verder weinig toevoegt, behalve een pijnlijke plek.

De rest is wazig.

Er volgens telefoon gesprekken, nauwelijks te verstaan. Tijd is een abstract begrip geworden. Ik verkeer in mijn eigen wereld.

Mijn dochter komt de kamer binnenlopen en kijkt me bezorgd aan. Ik probeer te glimlachen en te focussen tegelijk, maar mijn dronkenmansgrijns is minder troostend dan ik denk en ze moet er van huilen. Poging mislukt.

Kennelijk gaat het niet zo best met me.

In het ziekenhuis hou ik mijn ogen stijf dicht. Licht doet pijn. Ik hoor veel verschillende stemmen, maar kan nergens op reageren. Ze doen maar.

Er wordt een warme deken over me heen geplaatst, vers uit de magnetron.

Daarna wordt er een infuus, met veel moeite en meerdere valse pogingen, in mijn hand geprikt. Ik voel ergenis om de onkunde en besef dat dit een goed teken is.

Vocht en warmte helpen mij langzaam om mijn contouren weer te vinden.

Moeder en dochter zitten de hele tijd naast me in de ER, tot diep in de nacht.

Moeder en dochter ben ik zelf ook.

En dit was een Addison Crises.