Frankenstein

frankestein

In mijn eigen hoofd kan ik alles. Zo kan ik er bijvoorbeeld heel goed autorijden. Ik kan er zelfs zingen. Ik heb dan ook een steeds terugkerende dagdroom waarin ik beide skills uitstekend utiliseer door vrolijk zingend in de auto richting Frankrijk te rijden. Liefst met een hond naast me. Zo eentje met wapperende oren die uit het raam hangt. In werkelijkheid heb ik een kat, ben ik onlangs gezakt voor mijn rijbewijs en ben ik al mijn hele leven lang zeer amuzikaal. Een oud tante van mij (die het kon weten, als concertpianist zijnde) had bar weinig tijd nodig om, alleen in een kamer met mij plus haar geliefde piano, definitief vast te kunnen stellen dat ik niet muzikaal ben en dat ook nooit zal worden. Ik was zes jaar oud. Het vonnis was uitgesproken. Het punt is dat ik mijzelf die liedjes in mijn hoofd hoor zingen – en dan gaat het goed! Echt waar, in mijn hoofd zing ik als Neko Case, Feist én Tori Amos. En dat allemaal tegelijk. Zoals reeds gezegd: in mijn hoofd kan ik alles. Het probleem zit hem echter in het reproduceren. Dat is kennelijk niet zo evident.

 

Een ander woord voor amuzikaliteit is ‘amusia’. Ik vind dit frappant. Alsof het mij amuseert zo toonloos te zingen. Alsof ik mijzelf vermaak met mijn gebrek aan melodie. Wellicht dat het anderen amuseert, mij zo in gevecht te horen met mijn stembanden? Dat zou kunnen. Maar ik denk eerder (en dit is een gedachte welke op ervaring is gebaseerd) dat het hen pijnigt. Als zij zelf enige vorm van muzikaliteit bezitten, tenminste. Zo had ik vrij veel moeite met de borstvoeding. Dit is inderdaad een sprong, maar blijf bij me. We gaan wel degelijk ergens heen. Er moest en zou, hoe dan ook – kost wat kost – melk uit die tieten van mij komen. De borstvoedings maffia hadden mij goed geindoctrineerd. Uiteindelijk ben ik zelfs naar een borstvoedings consulent gegaan. Het woord alleen al. Die stelde vast dat ik tijdens de borstvoeding moest zingen. Dit ter ontspanning van ons beiden. Kun je het je voorstellen? Mijn arme dochter. We zijn met zeven maanden gestaakt. Al met al toch nog best lang, vind ik. Ik vermoed dat zij daarom ook binnen viereneenhalf uur is geboren. Door die kinderliedjes die ik spontaan zong, tijdens de weeën. Waarschijnlijk klinkt alles veel harder, daar binnen, en kon zij niet wachten om te ontsnappen.

Dansen gaat ook niet bepaald vlotjes, moet ik jullie heel eerlijk bekennen. Tenminste, niet als ik met iemand samen wil dansen. Dan gaat het steevast mis. In mijn eentje lukt het echter altijd wel prima, vind ik zelf. Ik stoor mij immers niet aan onbenulligheden als ritme en melodie. Wel nee! Dat leidt alleen maar af. Ik luister naar de tekst. Daar gaat het om. Die beweegt mij tot bewegen. Of niet. Laatst danste ik heel vrolijk door de woonkamer toen mijn dochter spontaan begon te lachen. Dit ben ik wel vaker gewend, als reactie. Het hinderde mij dus niet. Ik zat gelukzalig in mijn eigen flow, geheel gefocust op de tekst en wat het met mij deed. Toen ze mij echter lachend vertelde dat ik precies Kind Julian ben wanneer ik dans, met mijn wijsvingers in de lucht en bijbehorende wiebeldende billen, toen dacht wel even, ja. Ja ja. Nu is het dan eindelijk zo ver. Ik ben officieel oud geworden. Mijn dochter lacht me uit.

Slechts vier procent van de mensheid in het Westen schijnt amuzikaal te zijn. En ik ben er één van. Feitelijk zou ik mij hierom moeten verheugen. Een uitzondering zijn op de regel is vaak toch best leuk te noemen. Neem de prognose bij aanvang van mijn kanker carrière. Dat ik een uitzondering ben op desbetreffende regel is alleen maar een opluchting. Phew, zeggen al mijn cellen, inclusief ik zelf. Dat ik oud mág worden! Desalniettemin vind ik het jammer dat ik met mijn muzikalitieit (of liever gezegd, gebrek daaraan) zo’n enorme uitzondering ben. Ik had best als Neko Case willen zingen. Ach ja. Überhaupt kunnen zingen was wel leuk geweest. Ik ben niet kieskeurig, wat betreft stem. Wat je ermee doet, dáár gaat het om. En dan besef ik, plotsklap, dat ik met het schrijven van mijn stukjes, toch óók mijn stem zoek… Steeds maar weer. En in het geschreven woord zit toch óók ritme? Schrijven is dus stemmen! En muzikaliteit is een ruim begrip! Er gloort hoop aan mijn horizon.

Deze zomer geen zingende road trip, met hond. Wellicht zal dat er ook nooit van komen. Dat geeft niks. Daar heb ik inmiddels vrede mee. Nee, ik zit lekker thuis te schrijven, met de kat op schoot. Ik maak een innerlijke reis, op zoek naar mijn stem. En daarmee ben ik mijn eigen instrument. Ook zal ik mij dansend door het huis begeven, met wiebelende billen en vingertjes in de lucht. Maar dan wél topless. Mijn dochter is immers met haar vader op stap, dus ik kan me helemaal laten gaan. Mijn inspiratie bron om topless te dansen is niet, zoals je wellicht zou verwachten, een stripper. Nee, het hoeft helemaal niet sexy, wat mij betreft. Liever niet zelfs. Frankenstein is mijn held. In de film, Hotel Transylvannia 2, danst ook hij namelijk met zijn wijsvingers in de lucht. Redelijk vrolijk zelfs, voor zijn doen. Ik verkeer dus in goede gezelschap. Dit dansen doet hij echter zonder shirt aan, waardoor je zijn met littekens versierde torso niet kan omzeilen, evenmin zijn gebrek aan ritme. Ik vond het een wonderschoon en tevens ontroerende schouwspel. Konden wij ons allemaal maar zo bloot geven. Het is een kunst.

 

 

 

2 Comments

  1. Hey Nina :)
    Fantastisch dat je bent blijven schrijven!
    Het laatste wat ik van je las was z’n 20 jaar geleden. Een leuke verrassing dus. Succes!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet getoond.

*

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

© 2018 Nina Cookson

Theme by Anders NorénTop ↑